Zelfreflectie, hoe doe je dat?

Afstand nemen

Zelfreflectie, van een afstandje naar jezelf kijken. Kijken naar wie je bent, wat je doet en hoe je dat doet. Objectief, zonder oordeel, jezelf waarnemen. ‘t Is hartstikke moeilijk. Maar als je systematisch en gestructureerd je gevoelens gedachten en ervaringen onderzoekt, dan ga je de patronen wel herkennen.

De kracht van patronen

Die vaste patronen zijn super gemakkelijk. Het is je automatische piloot. Je hoeft niet overal over na te denken. Die gedragspatronen ontwikkel je in de loop van je leven door opvoeding en ervaring. Ze gaan automatisch aan de slag bij alledaagse dingen. Je sleutels pakken voor je deur uitgaat, daar denk je niet over na maar doe je gedachtenloos. Ook zijn die gedragspatronen present op je werk en in contact met anderen. En juist daar kan het handig zijn als je iets minder op de automatische piloot vaart en je meer bewust bent van wat jij met je gedrag oproept bij anderen. En daar helpt kritisch zelfonderzoek.

Blinde vlekken we hebben ze allemaal, iedereen ziet ze behalve jij zelf.

Het geheim van zelfreflectie zit in het vinden van een structuur om je zelf te observeren. De STAR  (Situatie, Taak, Actie, Resultaat) methode helpt je daarbij op weg. Door je zelf te bevragen met deze methode, creëer je inzicht in je gedragspatronen. Let er bij het beantwoorden van de vragen op dat je je beperkt tot de feiten en niet je mening geeft. Je kijkt als het ware naar jezelf en beschrijft wat je ziet.

Situatie

  • Wat was de situatie?
  • Wie waren erbij betrokken?
  • Wat ging eraan vooraf?
  • Welke belangen speelden er?

 

Taak

  • Wat werd er van je verwacht?
  • Wat was je verantwoordelijkheid?
  • Welke rol had je?

 

Actie

  • Wat dacht je?
  • Wat deed je?
  • Vanuit welke overtuiging reageerde je?
  • Hoe deed je dat?

 

Resultaat

  • Hoe is het afgelopen?
  • Hoe reageerden anderen?
  • Wat was je reactie adequaat?
  • Welke andere oplossingen waren er